U bent niet ingelogd!
Log in of registreer (Waarom?)
Inleiding:
Ik moest naar school, maar ik voelde me niet zo goed. Mijn ouders geloofde me niet: "Je doet weer alsof om niet naar te moeten gaan. Awel je gaat toch." Ok, ik deed veel nep, maar dit keer ws het echt. Ik ging naar school, en toen ik thuiskwam, ging het steeds slechter met mij. Ik moest kotsen en had hoofdpijn. Mijn moeder wist niet wat te doen, de huisdokter was op vakantie. Toen mijn stiefvader thuiskwam, vroeg hij me mijn kin tegen mijn borst te drukken. Het lukte niet. Vanaf dan wistten ze het. Ze reden zo snel ze konden naar het imelda ziekenhuis. Eens daar gingen ze naar spoed. Ze kwamen binnen en riepen: " Onze zoon heeft hersenvliesontsteking!" Ze kwamen mij meteen te hulp. Ik had inderdaad hersenvliesontsteking. Vanaf dat moment begint mijn verhaal. Ik was vier jaar. En toen maakte ik een klik die ik pas tien jaar daarna zou ontdekken.
9 november op school : Don Bosco ASO
We kregen nieuwe plaatsen, eindelijk. Het werd tijd, niet dat ik naast stomme mensen zat, nee, integendeel: ze waren zelfs heel leuk. Maar we waren op elkaar uitgezien. Ik kreeg een plaatsje in de rechtse rij, tweede bank van vanvoor te beginnen, aan de linkerkant. Het begon te stormen, het lesuur was gedaan en we mochten gaan eten. Toen ik naar buiten ging samen met Koen, gebeurde iets verschrikkelijks, een bliksemschicht raakte Laura. Het was niet zo ernstig, enkel haar rechterhand was serieus geraakt. Ze was bewusteloos. De hulptroepen namen haar na aankomst meteen mee. " Ze is niet in levensgevaar," zei een van de mannen," ze heeft veel geluk gehad." Helaas was dit voorval alles behalve geluk.
11 november Imelda ziekenhuis
Ik wou Laura opzoeken, ze zou vast wel bezoek appreciëren. Kamer 222, een mooiere kamer bestaat er niet. Toen ik naar binnen ging zag ik iets wat ik niet wou zien. Er bewogen verschillende spullen zomaar in het rond. Ik vond het raar. Toen ik meer naar binnen sloop zag ik Laura, ze stond op het bed en beweegde met haar handen. Ze bemerkte me en alle spullen vielen op de grond. "Laura, hoe deed je dat?!" vroeg ik verbaast. " Ik kon dat zomaar opeens. Wat doe jij hier eigenlijk?" "Ik kom jou bezoeken" zei ik. "Ik weet wat je denkt, je denkt dat ik hulp nodig heb, maar ik heb geen hulp nodig, laat me met rust!!" riep ze bruut. Ik had er nog nooit zo gezien, ze werd kwaad, nee meer razend. " Ik denk helemaal niet dat je hulp nodig hebt." zei ik. Ik loog, het was net of ze mijn gedachten kon lezen. Alles rond me begon te zweven, zelfs de chocolade die ik had meegebracht voor haar. Er was iets raars aan de hand. Laura zelf zweefde ook in de lucht. " Wat is er aan de hand Laura?!" vroeg ik. " Weet je Niels, alles verandert. Het spijt me, maar die Laura die jij kent, bestaat niet meer!" Opeens duwde een sterke kracht mij achteruit, tegen en muur. Ik sloot mijn ogen. Toen ik mijn ogen terug opendeed, was Laura verdwenen, er was geen spoor meer van Laura te bekennen. Ik bedacht me dat ik alles nog recht zag. Ik leunde een beetje voorover en viel op mijn gezicht. Ik voelde raar genoeg bijna geen pijn. Ik keek naar de muur waar ik tegen was gegooid. Er zat een hele krater in, met mijn vorm. " Nee, geen enkele kracht is sterk genoeg om dat te doen," dacht ik. "Als het wel zo was," bedacht ik," dan is dit het begin van het einde."
12 november
We gingen gaan schaatsen met Jo, Jolien, Laura R, Laura V.M., Amelie, Bart, Stijn, Mathias, Maylies en ik. Alleen kwam Laura V.M. niet. Het verbaasde mij niet, maar de anderen wel. Ik vroeg me af hoelang ik nog zou kunnen leven met het geheim van Laura. Ik kon moeilijk zeggen: " Ah, Laura, ja die is nu een agressieve moordenares geworden he." Het was moeilijk. Maar ik overleefde het. Alleen Laura R. zag dat er iets was. " Niels, weet je echt niet waar Laura is?" vroeg ze. Ik antwoorde kort met nee en deed snel mijn schoenen aan. Toen fietste ik naar huis samen met Maylies. Na dat we afscheid hadden genomen en we uit elkaars gezichtsveld verdwenen waren, zag ik iets raars. Toen ik in BMB aankwam, zag ik dat de brug aan diggelen lag. Bij de brokstukken zag ik een zakje liggen. Ik pakte het zakje op en las erop: Voor Laura, veel beterschap! Laura was hier geweest, sterker nog, ik durfde te wedden dat ze dit veroorzaakt had. Ik moest iemand in vertrouwen nemen, een goede vriend, maar wie. Eerst over het kanaal komen.
15 november:
Het was maar een dode boel op school zonder Laura. De enige waarmee ik praatte tijdens de les waren Amelie en Katrijn, en dat deed ik toch niet vaak. De bel, het is middag, eindelijk! Ik kon tijdens de middagspeeltijd alles zeggen tegen Koen. Hij weet misschien wat er met Laura scheelt. Toen ik aan de tafel zat zei ik meteen tegen Koen dat ik hem wou spreken, alleen! Na dat ik mijn boterhammen op had en mijn brooddoos weg had gestoken, ging ik met Koen naar een afgelegen plek. " Koen ik wou je spreken over Lauram," zei ik," ze is niet ziek zoals jullie denken dat ze ziek is, nee het is zovele keren erger. Je moet me helpen, jij weet veel van ziektes. " Wat is er dan?" vroeg Koen. "Wel ze is agressiever en kwaadaardiger, maar toch is er ook nog de gewone Laura. Laatst, toen ik wist dat Laura ergens was geweest, vond ik een papiertje terug van milka chocolade, dus de normale Laura is er ook nog ergens." " Of de kwaadaardige Laura houdt ook van chocolade," zei Koen," maar als Laura dan toch twee kanten heeft zoals jij zei, dan is ze... hoe noemen ze dat oook weer, shizofroon, schizofroon, sisofeen... " " SCHIZOFREEN!" riep ik. " Ja dat," zei Koen," het is ongeneeslijk denk ik, maar dat was toch verzonnen van u he." " Nee, het is allesbehalve een grap, jammer genoeg." " Wat, is Laura schizofreen!" riep Laura R. "Wat doe jij hier?" vroeg ik. " Ik maak me zorgen om Laura," zei ze," wat ga je doen?" " Ik ga Laura zoeken," antwoorde ik," misschien kan ik haar ware ik terug naar boven halen." "Je gaat niet zonder mij!" zei Laura R. " En ook niet zonder mij!" zei Koen. Ik dacht na, misschien kon ik hun hulp gebruiken. "OK, jullie mogen mee, maar eerst moeten we een goed plan hebben om Laura te overmeesteren."
16 november plaats: DBHASO
Het was dinsdag ochtend, het mistte en ik reed samen met Thomas naar school. Hij praatte heel de tijd tegen mij over spelletjes enzo, maar ik luisterde niet. Mijn gedachten bleven bij Laura V.M. Ik had al een tijdje niets meer van haar gezien of gehoord. Ik kwam op school aan en ging meteen naar het ASO. Koen kwam meteen op mij af. " Heb je je irregulars goed geleerd?" vroeg hij. " Heb je Laura nog gezien?" vroeg ik op mijn beurt. " Nee," zei Koen," maar heb je je irregulars nu goed geleerd of niet?!" Ik lette niet op. Koen vond dat ik hem niet moest negeren. Maar mijn gedachten waren ergens anders. De bel ging. " Wat hebben wij nu, Koen?" vroeg ik. " Aardrijkskunde." zei iemand achter mij. Ik keek om, het was Laura V.M.! " Laura, wat doe jij hier? vroeg ik. " Wat denk je dat ik hier doe," zei ze," ik ga naar het lokaal." Het was niet goed dat Laura naar school was gekomen, dat wist ik nu al. Het was een grauwe dag, ik was een beetje depressief omdat ik wist dat als Laura terug haar slechte kant zou laten zien, dat het gedaan was met ons. Tot het eind van de dag gebeurde er niets. Ik was blij, maar ook nog altijd depressief. " Koen, kom je mee naar Boortmeerbeek?" vroeg ik. Koen had ingestemd. Ik reed met hem op mijn bagagedrager weg van de school. Maar nog steeds verbaasde het me dat er die dag niets was gebeurt.
16 november plaats: kerk BMB
Ik reed naar huis met Koen op mijn bagagedrager. " Ik ga even stoppen, OK." zei ik. " Ja, ca va." zei Koen. Opeens gebeurde er iets vreemds met mij. Ik kreeg serieuse hoofdpijn, ik kreeg spierpijn en het leek of dat er iemand mij wurgde. Ik hapte naar adem. Het leek of ik zou sterven. Er kwamen witte vagen voor mijn ogen, alles vervaagde tot ik alleen maar zwart-wit zag. Op dat moment viel ik flauw. Ik werd wakker op een niet onbekende plek, aan de vrije basisschool boormeerbeek. Ik bemerkte dat mijn fiets weg was, net als Koen. " Wat is dit?" vroeg ik," Waarom ben ik hier? Waar zijn mijn fiets en Koen?!" Ik was wanhopig. Een stem zacht als de wind zei iets: " Ssst, gebruik je oren om te horen, je mond om te antwoorden en je ogen om te kijken." "Wie ben je?" vroeg ik. Het bleef stil. Ik keek om me heen, alles was zwart-wit gekleurd, net of ik was kleurenblind. Ik zag de bus 510 rijden. Het was 16:15 u, net op tijd die bus. Toen gebeurde het, ik hoorde een enorm gekrijs komen vanuit de bus en zag de bus in tweëen gedeeld worden. Iemand kwam eruit zweven: Laura V.M.! Ze wou de genadeslag geven aan de bus toen ik opeens terug adem kreeg. " Niels, hey Niels, gaat het? Niels! He, je wordt wakker." " Wat, waar ben ik?" vroeg ik. Mijn ogen deden zeer en ik kon nog niet deftig zien. " Aan de kerk." zei een bekende stem. " Koen ben jij dat? Wat is er gebeurd?" vroeg ik. Koen antwoorde: " Je viel opeens van je stokje. Ik keek op mijn GSM om te kijken hoe laat het was. 16:14. " Dat is raar." zei ik. "Wat is raar?" vroeg Koen. "Daarnet toen ik keek, was het nog 16:15." zei ik. " Niels, de tijd kan je niet terugdraaien." zei Koen. Ik zag opeens aan de hoek van de straat lichten opdoemen. Een bus, met het nummer 510! Ik keek terug op mijn GSM, 16:15! "Koen, blijf hier OK." zei ik. Ik sprong recht en achtervolgde de bus. Ik hoorde Koen nog iets zeggen, maar niet duidelijk genoeg om er een woord van te verstaan. Toen ik bij het winkeltje dat tegenover de bushalte stond aankwam, hoorde ik een oorverdovend gekrijs. Ik deed mijn ogen dicht. Toen ik ze weer opende, zag ik hoe de bus in tweëen gespleten werd, ondanks de mist. Ik zag Laura zweven uit de bus. Ze draaide zich om. " Ze gaat de bus doen ontploffen." dacht ik. "Laura, doe het niet!" riep ik. " Niels, je gaat me toch niet weer in de weg lopen, he!" riep ze terug. Ik zag hoe ze me aankeek met abnormale ogen, ze waren diep rood met een gele glans in, maar een gele glans die alles behalve mooi leek. Laura's haar was wit geworden en haar armen dikker. Zij zelf werd omringd met een groene mist die heel dik was. Ze draaide zich terug om. Zonder na te denken, liep ik op haar af en sprong in de lucht. Ik greep haar vast en probeerde haar ervan te weerhouden om de bus aan te vallen. Ze gooide mij van haar af. "Niels, je hebt erom gevraagd!!" riep ze met een duivelachtige stem. Ik werd door een enorme kracht tegen de grond geduwd, daarna tegen een muur en tot slot tegen de bus. Ze bundelde al haar krachten en wou deze afvuren. Ik zag opeens zomaar een ijzeren keten vliegen naar Laura. Het was Koen! Laura was gevangen. " Het is allemaal gedaan." dacht ik. " Nee Niels, het is nog maar juist begonnen! Ik moet gewoon hulp zoeken!" zei Laura. En toen verdween ze, zomaar opeens. Geen spoor meer van Laura. Ik keek in de bus. " Is iedereen ongedeerd?" vroeg ik. "Niels," zei Koen," laat alle gewonden maar naar mij komen." Ik ging akkoord. Na dat iedereen uit de bus was ontsnapt en alle gewonden waren verder geholpen, kwamen Laura R. en Koen naar mij. " Wat gaan we nu doen?" vroegen ze allebei tegelijk. " Het wordt tijd om een goede vriendin op te zoeken!" antwoorde ik.
16 november plaats: boortmeerbeek
3 schimmen lopen in de mist. Het waren wij: Laura, Koen en ik. De kou was ondraaglijk, maar toch moesten we erdoor. " We zijn er!" riep ik. Ik belde aan bij een huis. " En je weet zeker dat die ons kan helpen?" vroeg Koen. " Bijna honderd procent zeker." zei ik.
Iemand deed open:" Hey!" " Hey, mogen we binnenkomen?" vroeg ik. " Tuurlijk Niels." zei ze.
16 november plaats: Ankes huis
" Anke, wij komen je om een gunst vragen." zei ik meteen toen we binnen waren gekomen. "Ja ok, welke gunst?" vroeg ze. " Laura V.M. doet nogal raar vind je niet? Wel Laura is schizofreen." zei ik. " Nee, dat meen jij niet, en wat heb ik daar eigenlijk mee te maken?" vroeg Anke. " Ik vroeg me af of je wou gaan spioneren bij Laura voor ons, zodat we weten waar ze zich bevind en zo." zei ik. " Wacht!" riep Anke," Jij wil mij laten spioneren bij een schizofreen iemand, waarvan we niet eens weten waar die zich bevindt! Vind je dat zelf niet gek?" "Ja Anke, maar..." zei ik. " Anke gij kent Laura goed." onderbrak Koen me. " Ja, andere Laura ook!" zei ze. " Ja eigenlijk, waarom sturen we Laura niet?!" vroeg Koen. De stemming werd erger. " Komaan, geen ruzie nu." zei ik. Maar ze bleven kibbelen. " STOP!!!" riep ik kwaad. Het was stil, heel stil.
Ik keek in het rond. Iedereen was verstijfd. "Hallo." zei ik. Geen antwoord. Ik keek op de klok, maar de klok stond stil, zelfs de secondewijzer. "Wat gebeurt er toch allemaal?" vroeg ik mij af. Maar hoe hard ik er ook over nadacht kwam ik op onmogelijke oplossingen. Er was iets met de tijd, dat wist ik. Maar waarom kon ik wel nog bewegen? Ik zag Laura verwezenlijkt kijken naar Koen, Anke boos naar Laura en Koen met zijn armen in zijn zij naar de plaats waar ik stond. Ik ging naar buiten. " Het is gek, dit zal zeker niet werken. Maar hopelijk wel." zei ik hopend. "START!" riep ik.
Ik voelde wind op mijn gezicht, ik hoorde kwade stemmen binnen. " Het is gelukt, heb ik dan de tijd in handen?" vroeg ik. Anke kwam naar buiten met een verwonderd gezicht. " Niels, hoe kom jij hier?" vroeg ze. " Ik kwam rust zoeken." zei ik. " Ik zal het doen," zei ze," maar alleen als ik een dubbelzwaard krijg." "Afgesproken."
17 november plaats DBHASO
School, alweer! En dit op een moment dat mijn kop ergens anders naar staat. Ik zag Laura. Alleen was er iets vreemd aan de hand. Haar ogen waren roder dan normaal, haar haren lichter, net als haar huid. Ze zei niet eens gedag. De bel. Ik hield haar heel de tijd in het oog. Tijdens de middag liep ze als eerste het klaslokaal uit. Ik volgde haar op de voet, maar verloor haar uit het oog in de menigte. Lukas kwam af:" Jow Niels, en hoe was u toets." Ik antwoorde niet. Het was woensdag en kon Laura niet meer zien, ik ging naar de bussen. Laura was er niet. Ik hoorde opeens terug een afgrijselijk gekrijs, hetzelfde als de dag ervoor. Het kwam van achter het gebouw! Zo snel ik kon liep ik op het gekrijs af. Toen ik op de plek aankwam, zag ik Lukas, zijn ogen waren roder dan normaal en zijn haar lichter, net als zijn huid. " Wat was er gebeurd?" vroeg ik. "Niets Niels, helemaal niets..." zei hij. Zijn stem verontrustte me, hij was lager als normaal. Ik ging weg. Er is iets met Lukas, ik weet het zeker! Ik kreeg een sms. Hij was van Anke: "Laura vertrouwt mij volledig, nu kan ik gaan spioneren."
18 november plaats bed
Ik viel op de grond. Ik keek in het rond."Waar ben ik?" vroeg ik. De kamer was pikzwart, op een lichtje na. Een wit doosje was opgelicht. Ik keek in het rond stapte daarna naar het doosje toe. Toen ik daar was, las ik de rode letters op het doosje. 'Laura's geheim' stond er op. Ik deed het doosje open en zag daar een rookwolk recht naar omhoog vliegen. Het raakte mij, waardoor ik van het kuchen op de grond viel. Ik keek naar boven en zag twee rookwolken in de lucht hangen. Een van de rookwolken werd opeens weg gezogen. Er was geen geheim van Laura, besefte ik nu. Opeens zag ik Laura en Lukas verschijnen uit de duisternis. " Je hebt het juist Niels, ik heb geen geheim!" riep ze. Ik stond zo snel als ik kon op en liep weg van Laura en Lukas. "Grijp hem!" hoorde ik Laura zeggen. Lukas kwam als een gek achter mij rennen. Hij ging me inhalen, dat wist ik nu al. "Luister niet naar hen," zei een hoog stemmetje," je hebt het geheim gezien Niels! Maak een einde aan hun, doe alles wat mogelijk is. Doe het voor het te laat is, doe het!!" Ik werd neergehaald.
"Neee!!" riep ik. Ik deed mijn ogen open, ik was in mijn kamer! Het was dus een nachtmerrie. Ach ja, wat zou het betekenen, niets. Zowiezo niets!
18 november plaats DBHASO
Ik krijg een sms van Anke: " Laura heeft nog altijd niets door, maar ze zegt wel iets van wereld vernietigen ofso, morge." Morgen! Dan hebben we maar een dag om iets te doen tegen Laura! De tijd wordt krap, we hebben nog niet eens een deftig plan. Het enigste plan dat we hadden, was iets gruwelijks. Iets wat ik niet over mijn hart kreeg om te doen: Laura doden!
Twee lesuren voorbij, ik ga rust zoeken in het boswegje bij de voetbalvelden. Iemand neemt mij opeens vast langs achter. Ik draaide mij om, Laura! "Niels, help mij, alstublieft. Er is iets raars aan de hand. Iets in mij neemt het over, steeds meer. Ik voel het!" riep ze bang. " Laura, rustig!" riep ik. "Nee, niet rustig! Er is iets in mij, iets eng. Het is alsof ik twee geesten heb in mij." zei ze. "Geesten... Tuurlijk! Geesten! De nachtmerrie!" Alles was mij duidelijk nu. In de nachtmerrie kwam er rook uit het doosje, deze stond voor de twee geesten, de helft werd opgezogen door iets onbekend. Ik moest gewoon te weten komen wat dat onbekende was. "Niels, het neemt de macht weer over, het... spijt... me..." zei Laura. Ik sloeg haar knock-out. Haar huid werd terug bleker, net als haar haren. Laura is nu verdwenen, voor misschien wel altijd.
"Koen!" riep ik," Ik heb je nodig! Kun je voor mij een soort ectozuiger maken?" "Wat voor soort bedoel je precies?" vroeg Koen. " Een die je kan bevestigen op een persoon." zei ik. "Daarvoor heb ik een gasmasker nodig. Ik weet er een liggen, maar het is gevaarlijk." zei Koen. "Waar, ik doe alles."
Laura R loopt het chemie lokaal in. Mr Beyens was daar aan het werk. " Meneer, een stuk van de speelplaats staat in brand!" riep ze. " Wat! Ik kom er direct aan!" zei hij vluchtig. Hij liep meteen naar buiten, waardoor Koen, Laura R. en ik naar binnen konden glippen. "Vlug, doe de deur op slot!" riep ik tegen Laura R. Ze deed dit meteen. " Koen, ben je klaar? Je moet snel klaar zijn." zei ik. " Ik ben klaar, zoek eerst een gasmasker." zei Koen. We zochten en zochten en zochten en... We hoorde iemand kwaad kloppen op de deur: "Hey, doe de deur eens open!" Het was Beyens. "Nee, niet nu!" riep ik. "Doe open zeg ik!" riep Beyens nog kwader als eerst. " Vlug, zoek verder!" riep Koen. We zochten verder. "Ik heb het."zei Laura R. "Top! Gooi maar." zei Koen. Laura R. gooide het gasmasker naar Koen. "Laura, we moeten ervoor zorgen dat hij niet binnenraakt, ok." zei ik. Laura stemde in. We lieten de sleutel in de deur steken en deden de gordijnen en ramen dicht. We sloten het bijlokaal en probeerden het slot van de tweede deur te forceren. Hierbij liet Laura R. wat proefbuisjes vallen. "Sssst." zei Koen gefrustreerd. Beyens werd steeds kwader: " Ik zal de directeur erbij moeten halen, wees er maar zeker van dat jullie diep in de purree zitten!" " Hij gaat de directeur waarschuwen!" riep Laura R. " Klaar!" riep Koen. Op dat moment werd er hevig op de deur gestampt tot dat de deur omviel.
"Jullie weten toch wat jullie allemaal hebben gedaan en wat jullie allemaal moeten vergoeden." zei de directeur nors," Een nieuwe deur, twee nieuwe sloten, een nieuw gasmasker en ongeveer 18 nieuwe proefbuisjes. Dat maakt zo'n 1900 euro. Dat is een heleboel geld. Ik verwacht een goeie reden waarom jullie dit hebben gedaan." " Het gaat om leven en dood." zei ik. "Ja, en mijn moeder is sinterklaas." zei de directeur," Maak dat jullie hier weg gaan, nu!" We gingen weg, ik vond het erg dat hij me niet geloofde. Want ookal sprak ik de waarheid, niemand zou me geloven, op Koen en Laura R. na. "Waar is dat ding dat ze hadden gestolen?!" hoorde ik de directeur zeggen. "Misschien is het gevallen." zei Beyens. "Niels, heb jij het gasmasker?" vroeg Laura R. "Ja." antwoorde ik. Ik kreeg bericht van Anke:" Laura is echt kwaadaardig nu, echt niet normaal. Lukas staat aan haar kant, vertrouw Lukas niet meer."
18 november plaats: DBHASO
School! Waarom? Waarom nu? Nu dat de directeur kwaad is op mij en Beyens de pik heeft op mij. Om dan nog te zwijgen over hun haat voor Koen en Laura R. De eerste twee lesuren waren de traagste die ik ooit heb meegemaakt. Maar ja, wat wil je, het was het eerste uur frans en het tweede zat ik er met mijn gedachten niet bij. Er klopte gewoon iets niet. Laura kan gedachten lezen, en toch gelooft ze Anke. Over Anke gesproken, was ze niet ziek vandaag. Ik begon het ergste te vrezen. Meteen toen de bel ging, snelde ik naar buiten. Op dat moment kreeg ik een sms van... Laura V.M.: " Ik wil je spreken aan de HaBoBib om 18:15, en ik zou komen als je Anke ooit nog levend zou willen zien." "Nee!" tiep ik vol ongeloof. Ik had dit probleem al vanaf het begin moeten voorzien, maar ik was blind, blind door de tijd.
"Wat is er?" vroeg Laura R. "Ik moet naar de HaBoBib om 18:15, Laura wil mij spreken." zei ik. " Ik ga met je mee." zei Laura R. zelfzeker. " Nee!" riep ik. " Niels, als je je kansen op overleven wil vergroten, moeten wij met je mee gaan." hoorde ik iemand zeggen. Het was Koen. "Waarom willen jullie jullie eigen leven op het spel zetten?" vroeg ik. " Ik wil Laura terug zien lachen." zei Laura R. " En ik kan goed omgaan met EHBO-spul." zei Koen. " Of je nu wil of niet, wij gaan met je mee!" riepen ze in koor. Ik was eigenlijk blij dat er toch mensen waren die me wouden helpen. " OK, jullie kunnen mee." zei ik. Ik zag dat ze tevreden waren, ookal was ik dat diep in mijn hart niet...
Middagspeeltijd. Ik wou iets proberen. De toekomst zien! Ik had controle over de tijd bij Anke thuis, dus ik wou proberen of ik dit opnieuw kon doen. Ik ging naar een gang op de benedenverdieping erg donker. Ik dacht na over de toekomst en fluisterde het dan: " Wat heeft de toekomst in petto voor mij?" Er gebeurde niets. " Waarom gebeurt er niets?" vroeg ik mij af. " Misschien moet de toekomst geheim blijven." dacht ik. Ik keek op en zag een schim staan aan het eind van de gang, het was Beyens: " Daar ben je dus!" riep hij," Loop deze keer niet weg!" Ik luisterde niet naar hem en zag dat hij kwam afgerend. Ik zette het ook op een lopen. Beyens naderde steeds, maar ik zag een uitgang. Ik begon namelijk van bij het chemie lokaal, passeerde de ster en kwam dus in de gang van het secretariaat, waar een deur is naar buiten! Er waren mensen aanwezig in de gang. " Rot op, ik moet door! Ga ...!!!" riep ik op mijn luidste. Maar opeens kon ik niet meer ademen, het was net of iemand mij wurgde. Ik kreeg een branderig gevoel in mijn keel, het werd donkerder en donkerder en donkerder en donkerder...
Ik werd wakker. Ik keek in het rond, maar alles was nog wat wazig. Ik stond op en hoorde een paar mensen iets zeggen: " Neee!!! Pas op!" Ik kreeg een duidelijker beeld en nog voor ik echt kon plaatsen waar ik was, klonk er een luide knal. Het werd opeens heel warm, ik zou niet weten waarom. Ik hoorde mensen wenen, nog voor dat alles rond mij zwart werd.
" Deze keer zal je niet ontsnappen." zei iemand. "Nee," dacht ik," Beyens!" " Waar is het gasmasker?!" vroeg hij dreigend." " Waarom wil je dat hebben?" vroeg ik. " Als leerlingen het willen hebben, moet het wel heeel speciaal zijn." zei hij. " Meneer, het gaat om leven en dood. Ik heb dat gasmasker nodig!" riep ik. Beyens kwam naar mij toe, tilde mij op en duwde mij tegen de muur. " Ik word niet snel kwaad, maar jij hebt me al zo ver gekregen!" riep hij," Waar is het gasmasker?!" Ik kreeg bijna geen lucht meer, ik moest iets doen, maar wat? Ik kreeg een idee, ik kon de tijd al stoppen en de toekomst bekijken, misschien kon ik de tijd dan ook terugdraaien. " Terug!" riep ik met mijn laatste adem nog uit. Het lukte de tijd, werd teruggedraaid. Ik zag het allemaal voor mijn ogen gebeuren.
" Deze keer zal je niet ontsnappen." zei Beyens," Waar is het gasmasker?!" Het was echt gelukt. " Waarom, wil je het toevoegen aan u rommel verzameling?" zei ik uitdagend. " Wat!?" vroeg Beyens kwaad. " Ge weet wel, ik wou u lokaal proper komen maken, maar als gij u rommel terugwilt, is da voor mij ook goed." zei ik heel fars. Beyens werd kwaad en kwam op mij afgestormd. Toen hij me net wou op gaan tillen, pakte ik zijn arm en duwde hem tegen de muur. Hij was bewusteloos.
Beyens werd afgevoerd naar het ziekenhuis. Maar niemand wist dat een leerling het had veroorzaakt, gelukkig. Na dit was er eigenlijk niet zoveel speciaal meer gebeurt, alleen schreef bijna iedereen zijn/haar naam op mijn armen, maar dit is bijzaak.
18 november plaats: rond HaBoBib
" Zijn jullie klaar?" vroeg ik. " Ja, ik wel, ik heb mij EHBO-kist mee en een mes." zei Koen. "Ja, ik ook, ik heb het gasmasker en een speelgoedzweep mee." zei Laura R. " Ik ben ook klaar, ik heb mijn luchtpistool mee." zei ik," Kom we gaan." We kwamen aan op het rond punt aan de HaBoBib, daar wachtten we op Laura. 18:15, opeens voelde ik een enorme druk op mijn oren. Laura verscheen uit het niets, met een gewonde Anke. " Zo Niels, toch gekomen, en je hebt zelfs Laura en Koen mee gebracht. Weet je, ik dacht nooit vanaf het begin dat jij me zo in de weg zou staan. Daarom stel ik een ruil voor, Anke tegen jou!" zei ze. Ik dacht na, zou ik het doen? Ankes leven stond op het spel! " OK, ik doe het." zei ik. "Wat!" zeiden Koen en Laura R," We hebben je nodig." "Nodig voor wat!" zei ik. Ik ging naar Laura V.M. Toen ik daar was aangekomen, schoof Anke naar Koen en Laura R. toe. Laura V.M. fluisterde iets in mijn oor: "Het doet maar even pijn." Ik was bang, heel bang. Zo'n schrik had ik nog nooit gehad. Opeens hoorde ik een kreet, een kreet van pijn. Laura R. had het mes van Koen gepakt en gegooid naar Laura V.M.
Laura schreeuwde het uit van de pijn. Ik werd door een enorme kracht naar achter geduwd. Later zag ik dat deze kracht Lukas was. Ik lag op de grond en zag hoe het asfalt in stukken brak, hoe er spleten kwamen in de grond en hoe gebouwen in twee werden gebroken, of zelfs helemaal instortten. " Lukas, je hoeft dit niet te doen." zei ik. " Laura is de baas Niels, eens je dat door hebt, kan je overleven." zei Lukas. Ik zag dat Lukas me een mep wou geven en rolde me om op de grond. Zijn mep miste, gelukkig, want ik voelde dat er een kleine krater ontstond in de grond. Ik stond recht en stond nu oog in oog met Lukas. Ik pakte mijn luchtpistool en schoot op Lukas. De eerste keren hadden geen effect tot dat ik hem raakte in zijn oog. Hij kermde van de pijn, ik ging naar hem toe en gaf hem de genade slag. " Sorry Lukas, sorry dat ik dit moest doen." zei ik. Ik zag Koen en ging meteen naar hem toe. Ik zag hoe hij de wonden van Anke aan het verzorgen was. " Waar is Laura R.?" vroeg ik. " Ik denk dat ze aan het strijden is met Laura V.M." zei Koen. "Nee." dacht ik. Ik keek op en zag Laura R. en Laura V.M. inderdaad strijden. Ik pakte mijn luchtpistool en ging naar hun toe. Ik schoot een aantal keer naar Laura V.M. Maar zonder succes. Laura werd steeds kwader en maakte in haar handen een soort van krachtbol die ze daarna naar mij afvuurde. Ik kon nipt de krachtbol ontwijken, je kon nu makkelijk naast mij een spoor van vernieling zien. " Ik hoef mijn tijd eigenlijk niet in jullie te steken." zei Laura V.M. Ze maakte opnieuw een krachtbol en vuurde deze af op Laura R. Deze krachtbol raakte het doel wel. "Nee!" riep ik.
Laura V.M. vloog ongeveer een meter omhoog terwijl ik naar Laura R. toe ging. Ze was hevig aan het bloeden. "Laura, ik ga je verzorgen." zei ik. " Nee."zei Laura," Je moet Laura V.M. stoppen voordat het te laat is." Ik keek naar Laura R. en dan naar Laura V.M. " Dep je wondes met mijn pul." zei ik. Ik pakte het gasmasker dat naast Laura R. lag en stond op. De krachtbol van Laura V.M. werd steeds groter en groter. Ik wist dat ik maar een kans had, en die moest ik nemen. Ik liep op mijn hardste naar Laura V.M., sprong omhoog en drukte het masker in een beweging tegen haar gezicht.
Al vanaf de eerste keer dat ze ademde, voelde ik dat ze zwakker werd. Ze verzette zich hevig, maar ik hield me strak vast aan haar. Een extreme druk ontstond en duwde ons weg. Toen ik mijn ogen opendeed, zag ik dat er een grote krater was ontstaan op de plek waar Laura V.M. vloog. Ik zag haar liggen, ik ging meteen naar haar toe. Toen ik daar was deed ze haar ogen open: "Waar ben ik? Wat is er gebeurt? Ben ik nog steeds slecht?" "Nee Laura,"zei ik," alles is weer in orde." Laura V.M. stond op en Lukas en Anke kwamen meteen. Ik zag Koen Laura R. verzorgen. " Wat is er nu allemaal gebeurt?" vroeg Laura V.M. " Kijk, het begon allemaal..." vertelde Anke. Ik ging naar Koen en Laura R. "Hoe gaat het met haar?" vroeg ik. "Het komt in orde, dat weet ik zeker." zei Koen," Maar waar is het masker?" vroeg Koen. Ik keek in het rond en zag het liggen aan de -het is een wonder- nog bijna hele benzine station. " Ik zal hem gaan halen." zei ik.
Ik ging naar het masker, pakte het op en gooide het naar Koen. Op dat moment hoorde ik een knal. Ik keek naar de plek waar het vandaan kwam en zag daar een auto die de controle verloor. "Neee!!! Pas op!!" riep Laura V.M. Maar het was te laat, de auto crashte met een enorme snelheid tegen het benzine station. Er ontstond een oorverdovend lawaai door een enorme explosie. Ik voelde de vlammen die met mijn huid speelden, en ik voelde de pijn die het verdriet mij deed. De vlammen waren oogverblindend fel. Het werd steeds warmer, en warmer, en warmer...
Ankes dagboek
29 november plaats: rond verwoeste HaBoBib
De hele school kwam bijeen, samen met de familie van Niels en hun vrienden, er was ook familie van de bestuurder van de auto. We gingen Niels en hem herdenken. Zijn dood stond me nog levendig voor de geest. Vooral omdat alles terug goed leek te zijn. De auto die crashte tegen het benzine station en de enorme explosie. We weten waarom de bestuurder crashte, door de slecht asfalt. Het was een droeve dag, de lucht was grauw en de stemming was triest. Bijna iedereen weende, zelfs de mensen die Niels niet eens graag hadden. Iedereen zocht troost bij iedereen, maar ik voorlal bij Laura R., Laura V.M. en Koen. Omdat zij wisten wat er was gebeurd. Lukas zocht troost bij anderen.
De priester die aanwezig was, had het over de zwarste dag uit de geschiedenis van Boortmeerbeek-Schiplaken. Alleen maar as bleef over van die enorme explosie. De priester had het over waar Niels en de bestuurdre nu zijn, ergens waar geen haat is, ergens waar geen oorlog is, ergens waar geen kwaad is. Ergens waar alleen maar liefde is, vriendschap is, broederschap en zusterschap. Ikzelf vond dat Niels hetzelfde had gedaan voor de wereld, of toch voor Boortmeerbeek-Schiplaken. Hij had vrede geschapen volgens mij. Hij was diegene die ervoor zorgde dat alles goed is afgelopen.
Na dat de priester zijn preek was gedaan, mocht iedereen naar huis. Alleen 3I en de famielie van Niels bleven nog staan. Ik hoorde van een aantal klasgenoten dat er velen waren die hun naam op Niels' arm hadden geschreven en dat deze namen nu voor eeuwig verdwenen zijn. Maar ik bezie dat anders, ik denk dat de namen nu voor altijd op zijn arm blijven staan en dat hij nu elke dag aan ons zal denken, en dat hij nooit 3I zal vergeten.
Het enigste wat er stond was een kruis met zijn naam en foto op in de as. Ik wou dat ik hem nog een keer kon zien, om hem te zeggen wat ik van hem vond, om te zeggen wat hij had gedaan en om afscheid te kunnen nemen. Ik hoop dat hij nog veel aan ons zal denken, evenveel als wij aan hem zullen denken, waardoor de band tussen ons voor eeuwig blijft bestaan. Waardoor wij hem nooit zullen vergeten.
Toen ik wegging zag ik iemand met een zwarte mantel, zwarte hoed en zwarte handschoen iets leggen op het kruis van Niels. Het was duidelijk een mannenfiguur. Toen de man wegging, liep ik naar het kruis en pakte op wat de man had neergelegd. Het was een briefje met tekst:"TIME IS JUST AN ILLUSION" Wat zou het betekenen en wat heeft dit met Niels te maken? Ik nam het briefje mee.
Ik weet nog altijd niets van het briefje, maar wat ik wel weet is dat Niels zijn leven heft gegeven voor een beter leven voor ons en dat niemand in 3I ooit zijn plaats zou kunnen innemen.
Door: Niels-Vash | 18-01-2011 19:12
Wel een beke lang, ma ja